Koude rillingen lopen over mijn rug,
Het beeld komt steeds weer terug!
Zo jong nog, slachtoffer van geloofstrijd
Hoe is het mogelijk in deze moderne tijd.
Men moordt in naam van een hogere macht,
God, Jaweh, Allah? wie gaf hen die kracht!
Godsdienst, die de mensen moest verbinden,
Maar nu gelovigen doet verblinden.
Mensen vluchten naar voor hen veilige oorden
Daar waar de toekomst en hoop gloorden. 
Tegen veel geld op gammele boten gestapt
Aan het onveilige homeland ontsnapt.
Aan mensenhandelaren ten prooi,
Deden zij naar pais en vree een gooi.
mijn God, weer een boot in de zee vergaan,
Mannen, vrouwen, kinderen, hoe kan het bestaan!
Ze drijven op zee, spoelen aan op de kust!
Vrouw, man of kind! Het leven uitgeblust.
Hoe kan ik nog geloven in een goede God, 
In wiens hand ligt des mensens lot?
Hoe wreed, wat er op deze wereld gebeurt,
De duizenden levens, waarom wordt getreurd.
Hoe lang moet dit nog zo doorgaan, vraag ik me af!
Dit is toch een onwezenlijke barbaarse straf.
Mijn God, ik zie steeds dat kleine mensenkind,
Dood, die het geluk nimmer meer vindt!
Waar is het eind, wanneer houdt dit op?
Tot hier, in godsnaam niet verder, STOP!
Lief kindje, wellicht zittend op een wolk daarboven.
Ik wou van ganser harte, dat ik je dit kon beloven.
Jij bent het symbool van deze onmenselijk strijd,
Waar een deel van de mensheid nu onder lijdt!
Lieve kleine, waar je nu bent is het mooi en goed,
Heerst vrede, niemand die een ander pijn doen.
Mijn blik is omvloerst door tranen die vloeien. 
In mijn hart zullen altijd " vergeet je nietjes" bloeien

Klein manneke R.I.P

(C) Astrid de Wolf 2-9-2015

 

 

Koninginnedag 2009.

 

Vrolijk, gezellig, warm, zoals de dag begon,
compleet met de zo geroemde Oranjezon.
Prinsen, prinsessen, en natuurlijk de Koningin,
die begonnen de dag met koninklijke zin.
Hapten hier en daar een smakelijk hapje,
en dronken zo af een toe ook nog een snapje.
In het park was het een waarlijk feest,
zoals jaren terug in Koningin Juliana geest.
Dat zouden we nog meer in het defilé horen,
want 100 jaar geleden werd Juliana geboren.
Plus nog het feit dat onze Pieter 70 jaren telt,
Dan plotseling een gigantisch ongekend geweld.
Een auto, zo maar uit het niets met snelheid,
door de afzetting met onbegrijpelijke brutaliteit.
Dood en verderf zaait, een ongeluk of opzet?
maakte hij toen zomaar even een eigen wet?
Wie is deze mens, die zoiets doet,
waaruit putte hij deze niets ontziende moed?
Het land is even helemaal uit evenwicht gebracht,
wie had aan zoiets in ons Nederland verwacht.
Gedachten van medeleven voor al die mensen,
die we sterkte en kracht wensen.
Een dag die oranje van kleur had moeten zijn,
Is voor de rest van ons leven vervuld met pijn.
5 doden, 4 zwaargewonden en 8 licht,
dat is te zwaar voor een koninginnedaggedicht.
Hoe kunnen wij deze dag ooit nog vergeten,
heb je een idee, laat het mij ook weten.
Verdriet ook voor ons Koninklijk Huis,
blijven zij op 30 april nu voortaan thuis?
Een koningin met het leed van haar gezicht te lezen,
geraakt tot diep in haar hele wezen.
Ieder die getuige was van dit gebeuren, live of op tv,
draagt deze beelden de rest van zijn leven mee.

.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.--.

 Wie kent mijn verdriet?

Wie kent mijn verdriet, mijn pijn en mijn lijden?
Niemand, omdat ik het niet uit wil spreiden.
Niet omdat ik het niet heb, of het niet ken,
Maar wellicht omdat ik te gesloten ben.

Wie kent mijn verdriet, mijn pijn en mijn lijden?
Niemand, omdat ik er niet over uit wil weiden.
Niet omdat ik geen pijn heb, en geen verdriet,
Maar omdat ik niet wil, dat iedereen het ziet.

Wie kent mijn verdriet, mijn pijn en mijn lijden?
Geliefden en vrienden, in goede en slechte tijden
Die kennen mij, daarmee deel ik mijn verdriet,
Zij zullen mij troosten, als men mijn tranen ziet.

Astrid de Wolf 

18-07-2009

 

 

Afscheid.

 

Echt afscheid genomen hebben wij samen niet,
want dood gaan is iets, dat je liever niet ziet.
Diep in je hart wist je dat dit stond te gebeuren,
toch wilde je jouw en onze dagen nog roze kleuren.

Praten over vroeger, Weet je nog toen je ziek was,
daar stond de juf met de kindjes van de kleuterklas.
Ja, dat stond je nog helder voor de geest,
hoe lief dat zingen van die klas was geweest.

Maar straks , zo zei je, zingt voor mij een heel koor,
maar ze zingen niet zo goed als anders, hoor.
want ik zing deze keer immers niet met hen samen,
je vertelde ook nog, dat ze ook bij je graf zingen kwamen.

Je zei ook nog, dit is misschien de laatste keer,
ons samenzijn, dat komt wellicht nooit meer.
Jawel, ik zal naar Emmeloord, naar jou toe komen,
maar helaas, de lieve Heer heeft jou tot zich genomen.

Gelukkig is een langere lijdensweg je bespaard gebleven,
en zal je altijd in onze harten voort blijven leven.
Samen met hen, die je voor zijn gegaan,
die nu met open armen op jou te wachten staan.

Vandaag moet  ik voor altijd  afscheid van je nemen,
maar als een ster, hoop ik, je avond na avond waar te nemen.
Een groep van vijf sterren zal ik telkens zoeken gaan,
want ben er van overtuigd dat jullie samen aan de hemel staan.

Lieve Sybrand, rust zacht

zaterdag, 9 augustus 2008

 

 

Sterren stralen!

Bij heldere nachten kijk ik alijd even omhoog,
Of daar misschien een ster bewoog.
Net een knipoog, vanuit het heelal gezonden,
Zo van "hier ben ik, je hebt me gevonden!"

Iedere ster heeft voor ons op aarde een verhaal,
Dat verteld wordt in iedere denkbare taal.
Iedere ster houdt ons hier beneden in het oog.
Ver weg vanaf die machtige hemelboog.

Ieder van ons heeft wel een ster daarboven,
die ons in eeuwige liefde doet geloven.
Een ster, die met zijn glans ons omgeeft,
omdat die ster voor eeuwig in ons hart leeft.

 

5 september 2008


--------------------------------------------------------

 

 

Mijn droom.

Vannacht had ik een hele mooie droom,
Ik zat geknield bij een kristalheldere stroom.
Aan de overzijde stond een gedaante, wonderschoon
Het keek naar mij en wenkte , eigenlijk heel gewoon.

Het begon te spreken, het was een bekende stem,
nog van kort geleden, dus herkende ik hem.
Het was niet vreemd het had iets heel erg eigen,
het enige wat ik deed was luisteren en zwijgen.

De schim sprak: Treur niet meer om mijn heengaan,
ik kon dit onmenselijk lijden echt niet meer aan.
Ik heb een heerlijk tijd bij jullie doorgebracht,
er werd hier al met open armen op mij gewacht.

Ik ken geen leed meer en ondervind geen pijn,
dit is voor mij hetgeen, waar ik wilde zijn.
Uiteraard doet het achterlaten van jullie mij verdriet,
Maar een weerzien ligt voor ons in het verschiet.

Vergeet mij niet en leef zoals wij samen leefden,
denk aan de goede tijd die wij allen beleefden.
Ik zal van verre jullie altijd ter zijde staan.
Slaap wel, kus iedereen, ik moet nu echt weer gaan.

De schim verdween, en over mij kwam een diepe rust.
In mijn verbeelding heb ik iedereen van haar gekust.
Want die schim heeft mij duidelijk willen maken,
dat zij atijd over haar geliefden zal blijven waken.

oktober 2006                                                                 © Astrid de Wolf
gedicht gemaakt in 2006 na het overlijden van mijn zusje op 66 jarige leeftijd, maar mijn droom helpt mij het wat makkelijker te aanvaarden.

 

Mijn hart en die deken!

Ik zou iedereen een plekje onder die deken willen geven,
alle pijn weg willen nemen in ieders leven.

Dat plekje onder die deken, dat zal nog wel gaan,
maar die pijn weg nemen, `k moet met lege handen staan.

Ik zou iedereen willen troosten met een lief gebaar,
dat doet meer dan 1000 woorden, het is echt waar.

Hoop dat die deken die ik hier voor julie spreid,
troost, warmte en liefde biedt, al is het voor korte tijd.

Mijn hart heeft heel veel deuren en ramen,
probeer liefde te geven aan hen die daar kwamen.

Want die ramen en deuren staan altijd open,
zodat iedereen even naar binnen kan lopen.

Mijn hart en die deken, die zijn nauw verbonden,
zij geven troost, waar ze maar konden.

Wens jullie vandaag een dag als geen ander,
wees lief en verdraagzaam naar elkander.

lieve groet,
Astrid

 

Afscheid,

We hebben afscheid genomen, tot ziens gezegd,

Je hebt je moede hoofd in mijn armen gelegd.

Zo zaten we stil, alleen wij samen, heel intiem,

Wij samen vormden een hecht werelds team.

Wij beloofden trouw, tot de dood ons scheidt,

Dit laatste is nu de harde werkelijkheid.

Maar mijn liefde voor jou zal nooit overgaan,

Eens zullen wij op de ingeslagen weg verdergaan.

Tot ziens, mijn liefste, eens zien wij elkaar weer,

Ondanks dat doet het afscheid zo vreselijk zeer.

Ik weet dat je ergens vol liefde op mij wacht,

Mijn allerliefste, tot ziens, Rust zacht.

 

 

 

 

In Memoriam.

 

 

Vandaag wil ik even stil blijven staan,
Want een geliefd persoon is heengegaan.
Misschien was zij wel je maatje hier op HJ,
We maakten haar bijna dagelijks mee.
Een mooie bloem uit een geurend boeket,
Een innerlijk met diamanten bezet.
En plots is deze bloem woest afgebroken,
En blijft de diamant van glans verstoken.
Maar die bloem en die glanzende diamant,
Hebben zich voor eeuwig in onze harten geplant.
Wensen haar man en kinderen troost en kracht.

Lieve ...................,..............Rust Zacht

 

 

 

 

 

 

Geluk

Geluk is het grootste goed op aarde,
en heeft een niet meetbare waarde.
Het zit niet in het grote goed,
het zit in wat je voor anderen doet.
Een klein gebaar kan geluk geven,
net als het begin van een nieuw leven.
Geluk is net een vluchtig gas,
`t is zo weg, terwijl het er net nog was.
Maar geluk is ook om samen delen.
lachen, huilen, blijdschap en verdriet.
Dat is ook geluk, vergeet dat niet.
Maar het grootste geluk op deze aarde:
laat een ieder in zijn waarde.
Strooi geluk uit met gulle hand,
geluk heeft niets te maken met verstand.
Geluk is maar slechts 5 letters lang,
maar van het grootste levensbelang.

Astrid


 

 

Wereldwonder

Gefeliciteerd met dit kleine wereldwonder,
droog van boven, soms nat van onder.
Tien vingertjes,pietepeuterig klein,
ook tien teentjes, welgevormd en fijn.
Een klein neusje en een rozerode mond,
wat een hemels geluk: het is gezond!
Telkens staan we toch weer versteld,
in deze wereld van tomeloos geweld.
Zo`n klein mensje brengt je groot geluk,
je wereld kan dan niet meer stuk.
Veel geluk en plezier met dit kleine mensje,
dit is het eind van mijn gelukwensje.


Lief Engeltje,

Je was nog zo ontzettend klein,
je zat in de buik van Mama, het was daar fijn.
We hadden ons allemaal zo op jou verheugd,
jouw komst was voor ons een grote vreugd.
Het mocht echter niet gaan zoals wij dachten,
Het kwam hard aan, het nieuws dat ze brachten.
Het was voorbij, geen vreugde maar verdriet,
vooral van binnen, wat nooit iemand ziet.
Maar we hebben jou voor altijd in ons hart,
we delen met jou al onze vreugd en smart.
Je bent nu voor altijd bij ons gebleven,
we koesteren jou de rest van ons leven.
Dag lief engeltje, waar je ook mag zijn,
aan jou denken doet altijd nog pijn.
Tot ziens, lief engeltje.

 

.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.

Lichtblauwe en roze wolken.

Als we zo naar boven kijken, langs de zon en de maan,
Zien we vele lichtblauwe en roze wolken gaan.
Op één van die wolken zit een lief klein engeltje.
Een jaar geleden vervloog jouw hoop op zo’n klein bengeltje.
Willen je even laten weten dat we vandaag aan je denken,
En als een klein beetje troost je dit kleine versje schenken.

 

 

 

Even luchten

Het is niet iedereen gegeven,
om verder te kijken in dit leven.
Men ziet alleen zijn eigen ik,
en voor de rest is het "stik".
Kijk toch eens verder om je heen.
Zijn eigen kruis draagt iedereen!
Maar je kunt het dragen verlichten,
Dat is ook een van onze plichten.

Een mens of dier in nood te helpen,
is niet voorbehouden aan "welpen"
Andermans boekje is duister te lezen.
Maar tracht toch aub een steun te wezen.
Want het miserabele in dit leven.
Is, dat geluk niet aan een ieder is gegeven.

 

 

Masker
In het leven worden vaak maskers gedragen.
Laat dat nu eens vallen, zou ik je willen vragen.
Kijken of men je zonder masker ook herkent,
Of je zonder dat ding nog wel dezelfde bent.

Wat verberg je achter dat masker toch altijd,
Misschien wel je eeuwige onzekerheid?
Of bedek je daarmee je ware gezicht misschien,
Zodat emoties, vreugde en verdriet, niet worden gezien.

Je ogen, de spiegels van je ziel, worden ook bedekt,
En zo wordt jouw ziel dus ook nooit ontdekt.
Dus gooi af dat masker en laat zien wie je bent,
In de hoop dat je dan ook echt wordt herkend.


© creastrid

 

Weer kind!

Je zit in je stoel en staart wezenloos door het raam,
Je ziet soms mensen, maar kent ze niet meer bij naam.
Je weet zelfs niet meer wie je bent, en welke dag je leeft,
Je pakt iemands hand, terwijl je lichtelijk beeft.
Je bent weer een kind zoals al die andere kinderen,
Terwijl niets van de boze wereld je zal hinderen.
Je bent blij met hele kleine dingen, een speelgoedbeest,
Of iemand die je een sprookje voorleest.
Je leeft in je eigen wereld, die steeds kleiner lijkt,
Je bent angstig als je een vreemde bekijkt.
Het doet zo’n pijn om je zo te zien , jij bent gelukkig,
Maar binnen in mij word ik opstandig en nukkig.
Wat ben je alleen en zo ontzettend breekbaar,
Je kunt niets alleen, alles vormt een gevaar.
Als een klein kind wil ik je in mijn armen wiegen,
En zie de hoop op een gesprek vervliegen.
Voor mij blijf je altijd, ondanks je handicap, wie je bent,
Gewoon dat lieve hartelijke mens, die ik ooit heb gekend.
Die mij wiegde, troostte en ik je armen nam,
Die met me praatte, als ik met vragen bij je kwam.
Je zit stil en met wezenloze ogen voor het raam,
Je luistert zelfs niet meer naar je naam.
Je kijkt stil naar buiten en je zwijgt,
Maar, je lacht breeduit als je een snoepje krijgt.
Die momenten zijn zo kostbaar en doen ons beseffen,
Dat die ons diep in het hart blijven treffen.
Dag lieverd, tot morgen dan kom ik weer even, ‘
Een lichtpuntje misschien in jouw beperkte leven.

© Astrid de Wolf

Verdriet!

Het verdriet om het heengaan van een geliefd dier,
Activeert bij iedereen toch wel de traanklier.
En geloof me, ongeacht wat voor beestje het is,
Verdriet is er bij het heengaan, ook van een vis.
Maar een hond, een kat, een kip of een konijn,
Dat zijn diertjes die door ons te strelen zijn.
Het is een deel van ons dagelijks bestaan,
We laten ze ook niet graag gaan.
Maar besef wel het beestje had een fijn bestaan,
en is “gelukkig en tevreden” heengegaan.

© creastrid

 

Het toneelstuk dat Samenleven heet!

Het leven is een enorm groot stuk toneel,
Het aantal spelers? Dat zijn er héél veel.
Je weet niet welke rol jou is toegedacht
En wat er van jou zoal wordt verwacht.

Samenspel is het belangrijkste gegeven,
Het toneelstuk heet dan ook “Samenleven”.
Als je helemaal op elkaar bent ingespeeld,
Dan is het een spel dat nooit verveelt.

Tijdens het spel leer je nemen en geven,
Ook dat hoort bij het Samenleven.
Soms wordt je medespeler een vriend,
Die met je lacht en met je grient.

En af en toe, helaas het is niet anders,
Dan word je elkaars tegenstanders.
Dan klinken de meest valse akkoorden,
En doodt men elkaar met woorden.

Jammer dat het toneelspel zo verloopt,
Met trammelant, waar je niets voor koopt.
Respecteer elkaar in dit “samenleven”spel
dat is belangrijk, ook in een heftig duel.

Maar speel het spel wel met open vizier,
Dus geen achterbaks gekonkel en geklier.
Je mag je afwijkende mening best geven,
Ook dat is een deel van het “samen leven”.

Wens alle spelers in dit grote toneelstuk,
Veel wijsheid, liefde, gezondheid en geluk.
Ieder speelt zijn rol in dit levensverhaal,
Maar “samen leven” staat hier centraal.






Teken ook nog even mijn

 

Ik zou zo graag een hele grote deken breien. Eentje, waaronder je kunt lachen maar ook mag schreien. Het is toch niet zo, dat breien de mens verhardt. Bij het lezen van berichten raakte ik danig verward. Ik zou zo graag een hele grote deken willen haken. Eentje, waaronder je elkaars hart even mag aanraken. Het is toch niet zo dat haken het medeleven schaadt. En dat het alleen nog maar om haken en patronen gaat. Ik zou zo graag een hele grote deken willen maken. Eentje, waaraan je mee mag breien of haken. Elkaar even een denkbeeldige arm om de schouder slaan. Elkaar steunen als het even wat minder mocht gaan. Wat zou het fijn zijn om een hele grote deken te bezitten. Waar me samen ten allen tijde onder mogen zitten. Elkaar vertellen van wat ons verdrietig of vrolijk maakt. Ongeacht of het verband houdt met wat je breit of haakt.